Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /var/www/verhalenvandordrecht/include/db.php on line 3
Het scheve huis - uit Verhalen van Dordrecht
Home
Verhalen
van Dordrecht
Het scheve huis

Het huis waar ik nu woon staat er inmiddels al meer dan zeventig jaar. Daarvóór woonden we in een kleine woning, ook hier op de Nieuweweg.

Mijn man kreeg vrij snel na ons huwelijk een prachtige baan met een heel mooi salaris aangeboden in Amsterdam en we moesten dus daar een huis zien te vinden. We zochten een huis met een tuin, want we hadden twee honden, een sint-bernard en een whippet.
Ik gaf mijn werkster - die ik overigens daarna nog 27 jaar heb gehad - alvast mijn vloerbedekking en mijn traploper en nog een heleboel andere dingen. We vonden in Amsterdam een nieuw huis op de hoek van het Surinameplein. De Bijenkorf zou het gaan inrichten en alles leek in kannen en kruiken. Op een dag kreeg ik buikpijn, terwijl mijn man weg was voor een bespreking met zijn toekomstige baas. Ik werd opgenomen in het ziekenhuis omdat ik aan mijn blindedarm geopereerd moest worden. Mijn man kwam me na de operatie opzoeken en vertelde me: 'Het gaat niet door.' Ik begreep eerst niet wat hij bedoelde, maar het bleek dat de beloofde baan aan een ander was vergeven! Mijn man had zijn oude baan al opgezegd en zat nu dus ineens zonder werk.
Ik zei: 'Heb je hem de inktpot naar zijn hoofd gegooid?' 'Nee,' zei mijn man, 'ik ga straks naar mr. Burger.'
Jaap Burger was in die tijd in Dordrecht een vooraanstaand advocaat. Later, in de oorlog, is hij minister geworden in de Nederlandse regering in Londen. Hij heeft bij het Amsterdamse bedrijf heel veel geld voor ons losgekregen als schadevergoeding. We gingen weer terug in ons oude huisje aan de Nieuweweg, maar hebben van de vergoeding dit huis kunnen laten bouwen. Zelf heb ik het huis ontworpen en architect Jorissen heeft het plan uitgevoerd.

Tijdens de bouw moest er een sloot worden gedempt en dat hadden we niet goed voorzien. Het fundament van het huis was namelijk al opgebouwd en het huis zou door het heien waarschijnlijk gaan verzakken. De architect waarschuwde ons dat het huis er blijvend een zwak punt aan zou kunnen overhouden en adviseerde ons om datgene wat er al stond weer af te breken en helemaal opnieuw te gaan beginnen. Wij vonden dat echter onverantwoord, want het zou de aannemer en alle uitvoerders die al aan het huis bezig waren zo veel schade hebben opgeleverd dat ze hoogstwaarschijnlijk failliet zouden zijn gegaan. We besloten dus gewoon door te bouwen.
Het huis zakt nog steeds elk jaar een millimeter en is in de loop van de tijd wel zo'n negen centimeter verzakt.
Voor jongens van de vroegere mts in Dordrecht waren we echter jarenlang een bezienswaardigheid. Zij kwamen onder het mom van een 'excursie' met hun leraren kijken naar dat scheve huis dat toch nog steeds overeind bleef.
Sommige mensen die in die tijd bij ons op bezoek kwamen riepen wel eens: 'Wat een scheef huis!' Anderen hadden er, net als wij, helemaal geen last van. We hebben wel een stukje van de poten van de eettafel moeten afzagen, anders liep de soep over de rand van je bord.

In de oorlog, in 1940, is ons huis rond Pinksteren een paar dagen bezet geweest door Duitse militairen. Naast onze buren woonden twee Duitse zussen die getrouwd waren met leraren van de mts. Zij waren vermoedelijk al wat beter op de hoogte van de oorlogsvoorbereidingen, want ze hadden vóór de oorlog schuilkelders laten bouwen in hun achtertuin. Dat deed toen nog niemand. Toen de Duitsers kwamen, zijn we uit ons huis gevlucht en mochten we zolang samen met hen in die schuilkelders schuilen. Ik heb drie dagen lang met mijn kleine buurjochie op schoot gezeten daarbinnen, omdat zijn moeder totaal van streek was.
Mijn man is na drie dagen in ons huis gaan kijken, en trof toen Duitse militairen aan in onze woonkamer. Die zaten daar hun geweren te poetsen. Ze hadden ook onze badkamer gebruikt en de linnenkast was helemaal leeg. Later bleek dat er twee soldaten waren gedrost een daarvan is met mijn gloednieuwe mantelpakje, dat ik voor Pinksteren had gekocht, weggelopen.
We hadden destijds een vleugel in onze woonkamer staan en mijn man vertelde dat die Duitsers daar een soeppan op hadden gezet.

Rotterdam is in die dagen gebombardeerd en kort daarop werd de wapenstilstand getekend. Wij konden daarom al gauw weer terug in ons huis. Het was wel vuil geworden, maar mijn werkster kwam me gelukkig helpen.
Ik weet nog dat mijn ouders op de tandem uit Dubbeldam naar ons toe kwamen. Dolgelukkig waren we dat we elkaar levend zagen en dat we elkaar weer in ons scheve huis konden treffen.

Do Felkers