Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /var/www/verhalenvandordrecht/include/db.php on line 3
Groen fatsoen - uit Verhalen van Dordrecht
Home
Verhalen
van Dordrecht
Groen fatsoen

De bouw van Wielwijk, Crabbehof en Zuidhoven, dat is eigenlijk een breiwerkje. Dordrecht was na de oorlog een industriestad geworden en moest vooruit in de vaart der volkeren, net als alle andere steden.
Wielwijk werd het eerst als uitbreidingsgebied aangewezen. Men kende het dijkenpatroon van Dordrecht en daar mocht je niet aankomen vond de gemeente. Dat is altijd een erg belangrijk uitgangspunt geweest bij de stedenbouw. Als chef van de hoofdafdeling Plantsoenendienst was ik nauw bij de stadsuitbreidingen betrokken.

Uitgangspunt was dat de dijk tussen Wielwijk en Crabbehof behouden moest blijven en dat werd direct een grens: de Zuidendijk. Daar was toen nog weinig bebouwing, alleen de villa Merelhof en het buiten van Van Aardenne, de directeur van Penn en Bauduin, stonden er. De Smitsweg werd ook een grens, maar men is gaan werken vanuit de Zeehavenlaan. Al bouwende zijn de plannen verder gedetailleerd. Zo is Wielwijk afgebouwd, behalve een paar open stukken, waar we nog geen bestemming voor hadden. Een van die plekken was bijvoorbeeld het huidige Admiraalsplein.

Er kwam zo'n grote toevloed van nieuwe bewoners, dat vrij snel daarna is begonnen aan de opbouw van Crabbehof. Ook daar was nog nauwelijks bebouwing, behalve natuurlijk kasteeltje Crabbehoff. Daar woonde de directeur van Victoria, de heer Redelé. Hij had behalve het huis en de achterliggende tuin ook een boomgaard. Dat huis straalde allure uit en lag in landbouwgronden.

Langs de dijk stonden allemaal dijkhuisjes, arbeiderswoningen, waar iedereen bouwde wat hij zelf leuk vond.
We hebben toen gedacht dat het gebied het verhaal moest blijven vertellen van wat het vroeger was. Natuurlijk moest het ook exploitabel worden gemaakt en konden we er niet alles met bomen volzetten. Er stonden al veel bomen en die staan er gelukkig nog: we hebben weten te bereiken dat men ging bouwen met behoud van zo veel mogelijk oude bomen. Het lanenpatroon, dat kenmerkend was voor het buitengebied rondom kasteel Crabbehoff, is ook bij de opbouw van de nieuwe wijk zo veel mogelijk behouden gebleven. Redelé had echter geen zin om tussen de nieuwe flats te blijven wonen en heeft zijn bezittingen verkocht aan de gemeente. Toen kregen we dus de mogelijkheid om de wijk Crabbehof te bouwen rondom het kasteel. We hebben die wijk laten bouwen vanuit het principe van groene ruimtes met daaromheen laagbouw en erachter hoogbouw.

Voordat de mensen kwamen hebben we, verdeeld over de wijk, grotere bomen laten planten, zodat de mensen niet in een troep kwamen en dan bij de verhuizing ook nog allerlei troep naar buiten zouden kiepen. We zaaiden ook heel snel bloemenweitjes in en dat heeft een positief effect gehad. Mensen liepen daar bijvoorbeeld niet dwars door het plantsoen heen omdat de canapé naar binnen moest. De tuinlieden waren ook vakidioten, die de mensen af en toe terecht wezen: 'Je loopt over het gazon!' en: 'Je gooit hier papier neer: oprapen!'
Meneer Van Goudoever, voormalig hoofdtuinman van kasteeltje Crabbehoff, die later ook zeer intensief betrokken is geweest bij de groenvoorziening in de nieuwe wijk, heeft hoogstpersoonlijk meermalen kunnen voorkomen dat plantsoenen voor foutieve doeleinden werden gebruikt. Bijvoorbeeld toen er midden in een plantsoen een heimachine werd geparkeerd. Hij kreeg het voor elkaar dat die heibaas met machine en al werd weggestuurd. Die Van Goudoever had veel gezag, hoor, daar hebben we in die tijd veel plezier van gehad.

Het leuke van die periode was dat veel van wat er nu vanachter bureaus en in lange vergaderingen wordt besproken, toen direct tijdens het uitvoerende werk op straat werd geregeld.
Maar zoals bekend: andere tijden, andere werkwijzen!

Willem Hoogeweij