Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /var/www/verhalenvandordrecht/include/db.php on line 3
Staart en complex - uit Verhalen van Dordrecht
Home
Verhalen
van Dordrecht
Staart en complex

In 'Jacoba zint op wraak' werd eerder verteld hoe Jacoba van Beieren na vijfhonderd jaar terugkeerde naar Dordrecht. Inmiddels probeert Jacoba haar strijd alsnog te winnen.

Na een grenswijziging met Dubbeldam, in 1960, kon Dordrecht aan de oostkant van de Staart uitbreiden. De Oost-Merwedepolder werd bebouwd. Op het eerste gezicht lijkt deze wijk, de Staart-Oost, inwisselbaar met iedere wijk in Nederland uit dezelfde periode. Niets is minder waar, zoals verderop zal blijken.
In het gebied ten oosten van de N3, net voor de brug naar Papendrecht, stond tot de sloop in 1998 de EZH-centrale met zijn lange pijpen. Na de sloop ontwikkelde de gemeente Dordrecht, in samenwerking met de andere Drechtsteden, een masterplan voor het - op dit moment nog steeds lege - gebied: het Oostpoortplan. Het plan omvat een mega-bioscoop, fitnesscentra, megastores en nog een aantal vrijetijdsvoorzieningen. Door deze en andere ontwikkelingen steeg de grondprijs op de Staart flink.

De bewoners van de Staart-Oost zijn boos als blijkt dat de grondprijzen steeds verder de pan uit rijzen. Hier ziet Jacoba van Beieren kansen om haar strijd op een ander veld voort te zetten. Ze sluit zich aan bij de anti-Dordrecht-sentimenten. Sterker nog, om medestanders te krijgen wakkert ze die zelf aan. Ze belooft de Dubbeldammers dat ze hun grond terug zullen krijgen als ze haar willen helpen met vechten.

Als kind hoorde Jacoba van Beieren van haar gouvernante het verhaal over het Paard van Troje, een groot houten paard dat Troje werd aangeboden als geschenk, maar dat gevuld bleek met soldaten om de stad van binnenuit te belegeren. Zo'n list wil Jacoba ook toepassen en ze bedenkt de volgende strategie.

Eerst moet ze onenigheid zaaien in de wijk en de gemeenteraad. Via haar media-adviseurs brengt ze in het nieuws dat een gedeelte van de Staart-Oost gebouwd is op vervuilde grond. Het gevolg is dat een deel van de wijk moet worden gesloopt. Over de vuilverbranding wordt het gerucht verspreid dat het er stinkt en dat er hoge emissies giftige gassen vrijkomen. Hoewel dit nooit wordt aangetoond, leidt het wel tot verdeeldheid onder bestuurders en bewoners. Jacoba zoekt juist deze onenigheid om olie op het vuur te gooien en als afleidingsmanoeuvre van haar werkelijke activiteiten in de buurt.

De strijd van Jacoba kost wel veel geld en dat valt tegenwoordig te verdienen in de energiesector. Jacoba zet daarom haar zinnen op een energiecentrale ter bevordering van alternatieve energiebronnen. Omdat haar centrale onzichtbaar moet zijn, kiest ze voor een locatie op de Staart-Oost, waarvan niemand vermoedt wat zich er werkelijk afspeelt.
In de op het oog onzichtbare centrale wordt onderzoek gedaan, energie wordt er gegenereerd en via Jacoba's netwerk gedistribueerd. Uitgangspunt van de centrale is dat mensen bewegen. Tijdens dit bewegen komt er energie vrij. Normaal wordt de door mensen gegenereerde energie niet gebruikt, hoewel de potentie ervan enorm is. Jacoba's centrale is er in gespecialiseerd. Laten we eens gaan kijken.

Wanneer je het Generaal Spoorpad volgt vanonder de rondweg kom je bij een fietsbrug over de Wantijkil. Deze brug heeft een lengte van zo'n twintig meter. In het midden staan twee palen, die het vermogen meten van iedereen die passeert. Ook wordt gemeten hoe elk individu zijn vermogen gebruikt.
Als je het pad volgt, kom je bij een gemaal dat de waterstand van de polder reguleert. Aan de oostzijde van de Staart ligt een spaarbekken, waarvan de inhoud door Jacoba wordt gebruikt als koelwater voor haar centrale.
In de Adjudant H.P. Kosterstraat bevinden zich units waarin permanent individuen verblijven. Tijdens dit verblijf genereren de individuen energie, die via het ventilatiesysteem in het netwerk wordt gepompt. Het netwerk wordt aangedreven door de bomen. Die groeien door middel van fotosynthese, maar een groot deel van deze energie wordt niet gebruikt. Door een speciaal ontwikkelde methode - de bomen zijn ondergronds gedraineerd via het wortelstelsel - wordt het surplus heel onopvallend gebruikt voor de energiecirculatie in Jacoba's centrale. Zo fungeren de bomen dus als pompen.
Loop je nu de Generaal Spoorstraat voorbij en ga je meteen na de units naar rechts, dan zie je een rij energievelden. Bij deze velden komen verschillende, vaak nog heftig bewegende individuen samen om te bewegen. Dit levert heel veel energie op, en bij het tweede veld zie je dan ook een betonnen blok met 'Eneco' erop. Hier wordt de gewonnen energie direct in een extern netwerk gepompt. Ga je nu rechtdoor langs de verschillende krachtvelden, dan beland je uiteindelijk bij een hofje dat zich kenmerkt door twee metalen hindernissen. Je kunt hier gewoon naar binnen. Dit is het hart van het laboratorium. Aan de ene kant zie je een levensmiddelenuitgiftedepot. Levensmiddelen hebben nogal een effect op de energie-uitstoot en hier wordt er dan ook druk mee geëxperimenteerd. In en rondom het hofje zie je allerhande laboratoriumsnufjes, zoals een compressieruimte, en links van die ruimte is de metalen machinekamer en een wirwar aan buizen en units die met elkaar verbonden zijn.
Verlaat je het hofje weer, dan zie je een groen, houten gebouw. In dat gebouw oefenen de majorettes het draaien van hun stokjes. Ga hier meteen naar links en nog een keer links, en volg het pad. Aan de linkerhand zie je een Infopunt, waar beperkte informatie over de centrale te krijgen is. Als je hier de straat schuin oversteekt in de richting van een bruin gebouwtje, ben je op de plaats waar wordt geëxperimenteerd met gebakken energie en de effecten op het individu.
Als je bij dit gebouwtje direct naar rechts gaat en doorloopt, kom je in de Schipbeekstraat. Aan één kant zie je hier units waar individuen verblijven en aan de andere kant metalen deuren, het punt van waaruit energie verdeeld wordt. Loop deze straat uit met aan de rechterkant de units. Aan het einde kom je uit bij een groen vlinderveldje. De vlinders worden gebruikt om het zuurstofgehalte in de lucht te meten. Vlinders en zuurstof zijn positief gecorreleerd. Ook hier zie je weer de bomen die gebruikt worden als pompen. Bij fotosynthese komt namelijk zuurstof vrij. Komt er veel zuurstof vrij, dan betekent dit dat er genoeg kracht achter de pompen zit; is het zuurstofgehalte laag, dan betekent het dat er aan het pompsysteem energie moet worden toegevoegd.

Hier eindigt de basisbeschrijving van Jacoba's centrale, die overigens zeer lucratief blijkt. Jacoba van Beieren is dus toch nog, zij het onzichtbaar, aanwezig. Niemand heeft haar ooit gezien, maar haar invloed reikt ver.
De Dubbeldammers helpen Jacoba nog steeds in de centrale, maar of ze hun grond ooit terugwinnen is de vraag. Zo langzamerhand zijn ze zeer deskundig op het vlak van energiewinning en dat kan in de toekomst nog van pas komen, dus wie weet.

Jetske de Boer