Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /var/www/verhalenvandordrecht/include/db.php on line 3
Deukje, bedankt! - uit Verhalen van Dordrecht
Home
Verhalen
van Dordrecht
Deukje, bedankt!

Om op tijd bij de notaris te zijn, zijn we - voor ons doen - behoorlijk vroeg opgestaan. Maar op de drempel van het kantoor gaat het al mis. De acte kan onder gn beding worden gepasseerd, foetert de man. Zijn honorarium is nog niet op de bankrekening gearriveerd, dus gaat de overdracht van ons nieuwe huis niet door.

Fout van onze bank. Paniek. Waar halen we nu zo gauw dat geld vandaan? Meneer zet de boel nog even dik aan; we zijn een stelletje wanbetalers met wie hij niet in zee wenst te gaan. Onrustig met de sleutels spelend, bestudeert de verkopende partij intussen gegeneerd het plafond.
Na enig soebatten mogen we alsnog proberen het vereiste bedrag op zijn bureau te krijgen, maar dan wel binnen een kwartier, want daarna sluit het kantoor. Het is al mooi zat dat hij ons deze laatste dag van het jaar een plaats in zijn agenda heeft gegund.

Op het dichtstbijzijnde postkantoortje, een flink eind verderop, staat een lange rij bij het loket. Vr ons een oude dame die ons ongevraagd alle details van haar recente heupoperatie uit de doeken doet. Waarom ze uitgerekend n dat ene onvindbare pakje komt ophalen? Wij weten het niet. - De rij groeit, onze ongerustheid ook.
Om drie minuten voor twaalf rennen we buiten adem het notariskantoor binnen. Haastig wordt het geld geteld, handtekeningen gezet, en sleutels overhandigd. Notaris geeft ons een hand en weg zijn we, deze keer mt de sleutels.

Nog enigszins beduusd van de gebeurtenis rijden we naar ons nieuwe adres, slepen onze eerste spulletjes het kale huis binnen en parkeren de auto op de Weizigtweg. Zittend op de brede vensterbank openen we een fles wijn en heffen opgelucht de bekertjes. Mmm lekker. Eindelijk ons eigen huis. We worden er wat slaperig van. Even een tukje doen op de meegenomen opblaasbedden, om de spanning van de overdracht wat van ons af te laten glijden.

Uren later worden we wakker van de stilte. Het is al donker, maar er schijnt ook een merkwaardig helder licht. In een paar uur tijd is de stad veranderd van een middelgrote provincieplaats in een schattig wit Anton-Pieckdorp. Op de hoek waar normaalgesproken de auto's voorbij jakkeren, bekogelen buurtkinderen elkaar met sneeuwballen en maken glijbanen op straat. In deze wijk heeft de gemeentelijke gladheidsbestrijding geen prioriteit, zoveel is duidelijk.
We mijmeren nog een tijdje bij de dwarrelende vlokken, maken klusplannen voor de komende vakantiedagen, en wagen ons rond middernacht naar buiten om met de nieuwe buren te proosten op het verse jaar.

Een felle zon heeft de volgende ochtend de sneeuw al weer bijna opgeslokt. Geen reden om de auto te laten staan dus. Kunnen we meteen neef Marco ophalen, zodat hij niet het hele eind heen en weer hoeft te fietsen voor het feest bij tante Ank.

Vanuit de verte zien we al dat er iets raars is aan de auto. Langzaam neemt het ongewone bezit van ons netvlies. Aan de rechterkant zit over een lengte van anderhalve meter onmiskenbaar een deuk. Au, dat doet pijn. Vijf jaar oud is ons rode 'blikje' - zoals we het altijd vertederd noemen - en er zit nog geen kras op. Tot iemand onbesuisd de bocht nam en is doorgegleden tot boem ho werd. Vergeefs zoeken we een excuusbriefje van de brokkenmaker. Maar geen briefje, geen telefoonnummer. Niets.

Wampie