Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /var/www/verhalenvandordrecht/include/db.php on line 3
Scholierenleed - uit Verhalen van Dordrecht
Home
Verhalen
van Dordrecht
Scholierenleed

Mijn ouders stuurden mij in navolging van mijn oudere broer en zus naar de Dr. H. Bavinckschool aan de Nicolaas Maessingel. Dit lijkt niet vermeldenswaardig of interessant, maar als u bedenkt dat ik toen zes jaar was en in Krispijn woonde, en het hele eind moest lopen, moest overblijven op school en 's middags weer helemaal terug moest lopen, begrijpt u dat dit van buitengewoon ingrijpende betekenis was voor mij. Mijn ouders beslisten voor deze school vanwege zwaarwegende argumenten: het was een Christelijke school, het was tevens een zogenaamde opleidingsschool voor middelbaar en hoger onderwijs, alsmede een zeer strenge school. De keuze hiervoor weerspiegelde enerzijds de religieuze visie van mijn ouders, maar ook het weergaloze verwachtingspatroon dat ze van hun kinderen hadden. Mijn persoonlijke keuze was het beslist niet. Al mijn vriendjes van in en om het huis gingen "natuurlijk" naar een school in de buurt "op Krispijn" en zelf had ik geen boodschap aan kerk of ouderlijk verwachtingspatroon.
Mijn eerste kennismaking met de school was beangstigend. Het schoolgebouw lag achter een poortje van misschien anderhalve meter breed, dat afgesloten werd met een manshoog hek. Het poortje lag ingeklemd tussen woonhuizen met een blinde muur. Via dit poortje kwam je dan op de speelplaats met aan de linkerhand het - in mijn kinderogen zeker - imposante en vooral sombere schoolgebouw. Een moederskindje zonder vriendjes. Ik voelde mij er juist door God verlaten. Mijn oudere broer zat al in de zesde klas en vond mij duidelijk te klein om aandacht aan te besteden. Mijn zus was al van school en zat op de HBS.
Ons huis stond aan de H. Ronnerstraat, een onooglijk straatje gelegen tussen de Patersweg en de Brouwersdijk. Mijn looproute ging via de Krispijnseweg, de Tunnel - er was er maar een in die tijd in Dordrecht -, via het Stoplicht - ook dit was een uniek lokaal kenmerk voor de Dordtenaren -, over de Albert Cuypsingel langs de garage van Willem van Twist - dan was je er bijna. Deze wandeling moet, ik ben er niet meer zeker van, toch minimaal een uur in beslag genomen hebben en dat dus tweemaal per dag, weer of geen weer, en zes dagen per week. Voorwaar dus geen geringe opgave voor een klein manneke.
Naarmate de tijd verstreek kreeg ik wat schoolvriendjes en vormde "de stad" meer en meer een avontuurlijke uitdaging. Mijn nieuwe vriendjes waren duidelijk moediger dan ik en durfden veel meer. We beleefden op de terugweg uit school gedurfde en gevaarlijke avonturen. De strakke route uit mijn eerste schoolmaanden werd gaandeweg uitgebreid met uitstapjes naar alternatieve wegen en straten die niet per se de kortste weg naar huis genoemd konden worden.
De Verblifa blikfabriek aan de Dubbeldamseweg was een interessant terrein waar je kleine glimmende stukjes blik kon vinden, die je dan mee naar huis nam als waardevolle buit met nutteloze functie, uitsluitend dienend om op te scheppen tegen de vriendjes van het Krispijnse thuisfront die niet zo'n avontuurlijke tocht naar school hoefden te maken! Jarenlang heb ik deze blikjes in een kistje bewaard, samen met de bomscherven die we tegen het einde van de oorlog na elk bombardement verzamelden.
Het terrein van Van Twist aan de Nic. Maessingel was ook een fantastisch speelterrein. Hier mocht je eigenlijk niet komen, maar de oude trucks die hier stonden hadden een onweerstaanbare aantrekkingskracht op dappere jongens en maakten het avontuur nog spannender. Als we de kans kregen klommen we in de cabine van zo'n truck en lieten onze fantasie de vrije loop, haalden zware en gevaarlijke vrachten uit verre landen, en vochten wie aan het stuur mocht zitten. Op een kwade dag trok een van de jongens aan een knop op het dashboard, en er begon iets te grommen onder de motorkap! Op een of andere manier schoot het gevaarte vooruit en dreunde vervolgens tegen een andere truck. Dit bleef natuurlijk niet onopgemerkt, en voor we ervandoor konden gaan vatte een in ketelpak gestoken Van Twistmedewerker ons in de kraag en bracht ons naar het kantoortje. Hier zetelde een zeer indrukwekkende man die ons met strenge blik opnam en met barse stem voorhield dat wij op verboden terrein waren, dat dit zeer gevaarlijk was en dat hij overwoog om de politie te roepen. Wij zouden dan beslist in de gevangenis komen! Ik was zo bang dat ik ter plekke in mijn broek plaste. De man liet ons voor deze ene keer gaan, maar wilde ons nooit meer zien op zijn terrein, anders zou hij zijn dreigement zeker uitvoeren. Het heeft geholpen: ik ben er nooit meer geweest.
In het vervolg liepen we via de Stationsweg en de Burgemeester de Raadtsingel, langs Hotel Ponsen en de sigarettenfabriek Ardath, waar het altijd zo lekker rook naar tabak, en keken naar de reclame van Chief Whip op ieders lip, dromend van de dag dat wij ook zouden mogen roken!
Ik heb mijn ouders later nooit kwalijk genomen dat ze mij naar die school gestuurd hadden. Zij deden dit met de beste bedoelingen. Maar nog steeds als ik langs dat poortje kom, krijg ik dat benauwende gevoel van de eerste schooldag. Het is daardoor niet een van mijn fijnste jeugdherinneringen. Maar ik heb er wel ontzettend veel van geleerd. Ik ben er tenminste stukken weerbaarder door geworden.

Ad van der Linde