Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /var/www/verhalenvandordrecht/include/db.php on line 3
Grote mensen - uit Verhalen van Dordrecht
Home
Verhalen
van Dordrecht
Grote mensen

Op mijn zesde verjaardag kreeg ik een echte grotemensenfiets. Een mooie rooie, met zo'n gaaf stuur en gekleurde stickers op de kettingkast. Veel mooier dan die van mijn vriendje Mark van de overkant. Nu zou ik toch zeker wel op straat mogen fietsen? Toen ik nog een fiets met zijwieltjes had, moest ik van mamma altijd op de stoep blijven. Ze zei steeds dat het op de weg veel te gevaarlijk was met al die auto's en dat ik eerst de verkeersregels moest leren voor ik met een 'echte' fiets de weg op mocht. 'Dat leer je wel op school,' zei ze.
Mamma had gelijk. Op een dag kregen we verkeersles van onze juf. Ik had mamma's woorden goed in mijn oren geknoopt en ik deed extra goed mijn best. Soms was het wel een beetje moeilijk. 'De rode borden zijn verbodsborden,' vertelde de juf, 'daar mag je niet in.' En dan de blauwe borden, hoe zat het ook alweer met die blauwe borden? O ja, de juf zei dat je daar wel mocht rijden. De stoplichten vond ik wat makkelijker: ik hoefde alleen de kleuren te onthouden. Bij rood licht moest je stoppen en bij groen mocht je doorrijden. Dat wist ik zeker. Wat je met oranje licht moest doen, wist ik niet meer. 'Mamma! Hoe zat dat ook alweer?'
Op een zaterdag was het eindelijk zover. Pappa had gezegd dat ik met hem mee mocht naar de stad, op mijn eigen nieuwe fiets. Mijn moeder vond het eerst maar niks, maar na heel lang zeuren kreeg ik toch mijn zin. Pappa moest haar wel tien keer beloven dat hij me steeds goed zou vasthouden. Nou, dat deed hij hoor! Al op het moment dat ik op mijn fiets stapte, voelde ik zijn grote hand stevig in mijn nek. Als ik slingerde, kneep hij een beetje. Hij bedoelde dat niet kwaad, maar het deed wel een beetje zeer. Wat was ik trots! Ik fietste zomaar op de grote weg! We reden onze straat uit, de hoek om door de Bankastraat naar het kruispunt bij de Oranjelaan. Oeps, een rood verkeerslicht: 'Pap, we moeten stoppen, het licht staat op rood!'' 'Rustig afremmen, jongen,' zei hij. En daar stonden we dan, ik naast mijn fiets en mijn vader stoer met zijn voet op de stoeprand.
Voor ons stonden nog een mevrouw en twee meisjes te wachten. Plotseling hoorde ik harde stemmen achter ons. Ik keek om en zag een man op een fiets dichterbij komen. Aan zijn stuur hing een stoeltje met een klein jongetje erin en op de bagagedrager zat een vrouw. Ze hadden vast ruzie. Ze praatten heel hard en deden zo lelijk tegen elkaar! Ik ging voor de zekerheid een beetje dichter bij pappa staan. Maar wat deden ze nou? Ik trok aan mijn vaders jas: 'Pap, kijk! Die mensen rijden gewoon door het rode licht... dat mag toch helemaal niet? De juf zei dat je altijd moet wachten tot het licht groen is!' De mevrouw voor ons draaide zich om en zei tegen pappa: 'Nou, ze geven dat kind wel een erg slecht voorbeeld, neem me niet kwalijk.' Ze keek er heel boos bij. Mijn vader knikte instemmend en bromde wat. Ondertussen hield ik mijn adem in, en bijna verstijfd van schrik zag ik hoe de man verder het kruispunt op reed. Een auto moest heel hard remmen om ze niet ondersteboven te rijden, een andere auto kon ze nog net ontwijken. Ik hoorde de remmen piepen. De fietsende man leek niets te horen, hij keek niet op of om en reed, alsof er niets aan de hand was, al scheldend tegen de vrouw achterop zigzaggend tussen de auto's door.
Dat kleine jongetje voor op die fiets zal wel heel bang zijn, dacht ik. Misschien nog wel banger dan ik. Zou hij van angst ook zo hard in het stuur knijpen? Ik kon hem niet meer zien, maar was opeens wel blij dat mijn vader me zo goed vasthield. 'Pap,' vroeg ik nog eens, 'je mag toch nooit door rood rijden?' Hij bromde wat, maar gaf geen antwoord. Toen sprong het licht op groen en staken we veilig het kruispunt over, richting Stooplaan.
Nu, vijftig jaar later, weet ik nog precies wat ik toen dacht: grote mensen, daar snap ik niks van!

Dirk Vorthoren