Deprecated: mysql_pconnect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /var/www/verhalenvandordrecht/include/db.php on line 3
Nooit thuis - uit Verhalen van Dordrecht
Home
Verhalen
van Dordrecht
Nooit thuis

Begin mei, maar het was nog steeds koud. Mijn favoriete terras lonkte, maar de slechts tien graden op de thermometer lieten het niet toe om, dus koos ik voor de stationsrestauratie. Daar was het warm en de koffie goedkoop. Het aantal treinreizigers was minimaal, en de laag hangende rook nodigde uit om 'mee te doen'. "Het gebruikelijke?", vroeg een serveerster na een paar minuten. Ik knikte en haalde een sigaartje uit m'n doos. "Het gebruikelijke!"

Zoals gewoonlijk keek ik naar de mensen om mij heen die ook genoten. Ik van een vrije dag en zij van een vrij leven. Ik glimlachte breed en keek naar een man die binnenkwam. Twee zware tassen ploften op de grond. Ik keek naar buiten en zag de internationale trein uit Brussel vertrekken. Weer keek ik in de richting van nieuwkomer en giste waar hij vandaan kwam. Plotseling keek hij terug. "Jij ook koppie kofie?" vroeg hij opeens. Geschrokken smeet ik mijn gezicht in de plooi en keek onbeleefd om. Meteen begreep ik het: hij was een buitenlander, een Turk of een Marokkaan. Die mensen, zo had ik op m'n reizen geleerd, boden zomaar iemand anders iets te drinken aan.

Ik stond op en liep naar hem toe. "Sorry hoor, maar wat zei u?" Hij maakte met z'n hand een uitnodigend gebaar. Terwijl ik ging zitten, zei hij lachend: "Aziz, ik ben Marokkaan." Ik greep zijn uitgestoken hand. "Barend, ik ben Hollander." We lachten allebei. "Ik vroeg jou of jij ook kofie wilt", ging hij verder. "Nou graag, maar ik heb reeds besteld", antwoordde ik snel. "Maar de dag is nog lang, straks neem ik een tweede bakkie. Het heet trouwens koffie, met dubbel ff."

Hij knikte. "Vind jij vervelend met mij praten?", vroeg hij plotseling zonder omwegen. Weer schrok ik. Om tijd te winnen stak ik mijn sigaartje aan. Toen keek ik hem aan. "Nee Aziz, anders zou ik hier niet zitten. Maar weet je, in Nederland biedt je niet zomaar een vreemde iets aan. Wij Hollanders zijn nogal zuinig, weet je."

"Dan vind jij goed dat ik iets vraag?" Ik leunde achterover, en nam een stevige trek van mijn sigaar. "Je bent wel erg direct Aziz, maar vooruit. Wat zit je dwars?" Nu was het zijn beurt om te zwijgen. Hij frommelde wat aan zijn ketting. Woorden laten zich niet altijd gemakkelijk vinden. "Ik ben bijna zeven jaar in jouw land geweest", begon hij aarzelend, "en ik voelde mij steeds niet thuis. Ik spreek niet goed jouw taal. Soms heb ik werk, soms niet. Ik kom net uit Belgi, maar daar moeten ze me ook niet." Hij keek mij aan. "Jij misschien weten hoe dat komt?"

Allemachtig, schoot het door mij heen, is dat is een brutale gewetensvraag of is het een verwijt? Weer had ik tijd nodig voor een antwoord, en weer bracht een sigaartje enig respijt. Ik blies wat rook weg en dacht na. Aziz keek me intussen vragend aan en vroeg: "H Barend, jij ook geen antwoord, h." Nadenkend antwoordde ik: "Nee Aziz, niet echt, maar ik heb wel een paar ideen over de oorsprong, het begin van al die ellende." Hij keek mij nieuwsgierig aan. "Mijn ellende?" vroeg hij bijna kinderlijk. Ik lachte en zei: "Nou nee, niet speciaal jouw misre, maar wel waarom mensen niet goed met elkaar opschieten." Hij leunde achterover en zijn gezicht klaarde op. "Dan jij mij snel vertellen wat oorzaak is. Misschien zit ook een beetje verdriet van mij in jouw verhaal." Ik lachte hard. "Nou, dat zal best. Want een deel van mijn verdriet zit er ook in."

Ik wees naar onze inmiddels lege kopjes. "Nu wil ik wel koffie van je, Aziz." Meteen stond hij op, liep naar de counter en bestelde. Toen hij terugkwam waren mijn gedachten op orde. "Weet je Aziz, we zijn met z'n allen verkeerd begonnen. Wij, de Hollanders met het koloniseren van bijvoorbeeld Suriname en de Antillen. En de Engelsen die zonodig India wilde hebben. Of de Fransen in Algerije. Of de Amerikanen die hun land onbeschaamd hebben opgebouwd met het bloed van Indianen, n het bloed van ontelbare negers. Dan hebben we nog de christenen die niet mogen doden, maar al eeuwen lang niks anders doen. Iets wat overigens ook voor islamieten geldt." Ik zuchtte. "Kortom, we hebben met z'n allen een valse start gemaakt. We zijn gewoon verkeerd begonnen!"

Mijn preek werd plotseling onderbroken door het gedender van een goederentrein. Ik zweeg abrupt, en niet alleen door die trein. Met een schok werd ik mij ervan bewust dat ik slechts de historie napraatte. Ook drong het tot mij door dat ik een multiculturele kameleon was. Mijn praten en denken veranderderden met de cultuur die ik ontmoette. Aziz zei nog steeds niets. Hij leek mijn woorden een plaatsje te geven. Na enige tijd vroeg hij: "Waar is in jouw verhaal mijn verdriet?" Ik haalde mijn schouders op. "Geen idee Aziz, het enige dat ik weet is dat wij mensen waarde hechten aan de soort, de groep waarin wij leven. Blijkbaar zijn wij niet in staat om ons te verplaatsen in andere denkwijzen, in andere culturen.'

"Jij ook niet?", vroeg Aziz zachtjes. Ik haalde diep adem en vervolgde mijn betoog. "Weet je Aziz, tijdens vakanties heb ik veel gereisd en veel verschillende culturen ontmoet. Prachtige gesprekken gevoerd met Noordafrikanen in de woestijn. Indirs en Isralieten in steden hebben mij veel geleerd. Maar het is de vraag of ik ze begrijp. Ik heb slechts mogen proeven van hun schitterende culturele eigenschappen. Dus nee Aziz, ik ook niet."

Aziz keek ongelukkig. Zijn gebruinde, krachtige gezicht verraadde pijn. "Ik heb ook veel gereisd", zei hij. "Heel veel grenzen zag ik, maar het waren geen vakanties." Hij keek op zijn horloge. "En nog ben ik niet thuis. Ik neem de volgende trein naar Den Haag. Misschien dat ze me daar wel willen." Ik keek hem aan. "Wat bedoel je eigenlijk met 'ze willen me niet'?" Hij staarde voor zich uit, maar soms schoten zijn ogen naar de deur als er iemand binnen kwam. "Ik ben hier", verklaarde hij moedeloos. "Ze willen me maar geen verblijfsvergunning geven."

Er ontstond een diepe stilte tussen ons, waarin geen plaats leek voor hoop of antwoorden. Toch vroeg Aziz onverwachts: "Jij bent Hollander, jij denkt dat het ooit beter wordt?" Ik keek de Marokkaanse man een poos bedachtzaam aan, en antwoordde toen plotseling vol vertrouwen: "Ja Aziz, het wordt zeker beter. Want al die onderdrukking en kolonisatie van volkeren heeft n voordeel: het leidt uiteindelijk tot een snellere versmelting van culturen. Misschien niet zonder slag of stoot, maar het multiculturele denken is wl begonnen."

Aziz keek mij niet begrijpend aan. "Wat bedoel jij precies?" vroeg hij lichtelijk wantrouwend. "Nou", ging ik verder, "het lijkt mij onvermijdelijk dat alle mensen op deze aarde uiteindelijk vriendjes zullen worden. Versmeltingen van culturen gebeurt al eeuwen. Meestal wel door oorlogen, maar ook veel door migratie en handel. Het ziet er dus naar uit dat alle mensen uiteindelijk... eh..., laat ik maar zeggen dat ze broeders zullen worden. Maar, het zal, zoals onze Belgische vrienden zeggen, niet vr morgen zijn".

We lachten hard, waarop de serveerster naar onze tafel toeliep en vroeg of wij soms nog iets wilden bestellen. Vanuit het vuur van het gesprek wilde ik zeggen: doe maar twee porties vrede en vriendschap. Ik deed het niet. De tijd is nog niet rijp. Meer dan twee kopjes koffie zat er voorlopig niet in.

Aziz stond op, greep zijn in twee tassen verpakte leven en liep naar de uitgang. Ik liep met hem mee, en even stonden we zonder woorden voor de binnenrijdende trein die hem verder zou brengen. De trein stopte, reizigers stapten in en uit. Allemaal mensen van diverse culturen, allemaal met maar n doel: naar huis. Aziz sprong in de trein. "H Barend, ik kan zeker niet bij jou wonen." Ik keek hem aarzelend en onzeker aan. "Nee Aziz, maar probeer Marokko eens. Ik hoor dat het een mooi land is." Even keek hij mij strak aan en zijn gezicht toonde een pijnlijke trek. "Waarom denk jij dat ik uit Marokko ben weggegaan?" Ik haalde mijn schouders op. "Geen idee, waarom dan...?" Een schril gefluit doorbrak ruw mijn vraag. Met een luid gesis sloten de deuren. De Marokkaan schopte zijn tas tussen de deur en schreeuwde: "Omdat ze me daar ook niet willen!"

Nick Lambermont